Cezar: het borstvoedingsverhaal

Derde kindje, derde keer borstvoeden.  As simple as that!  Met de opstartprobleempjes van de vorige keren in het achterhoofd zoek ik mij al tijdens de zwangerschap een lactatiekundige met een goede reputatie.  Ik vertel haar over hoe het de vorige keren traag op gang kwam.  Zo heb ik nooit last gehad van kraamstuwing en veel melk de eerste week ondanks veelvuldig aanleggen en al vanaf de tweede dag ofzo kolven ter extra stimulatie.  Mijn oudste twee verloren ook redelijk wat gewicht de eerste dagen en zijn allebei helaas en eigenlijk wat tegen mijn wil in wat bijgevoed.  Maar bon, dat ging mij dus deze keer niet overkomen.  Ik ging mijn borstvoedingsbeleid deze keer volledig optimaliseren.  Direct na de bevalling werd Cezar bij me gelegd en kreeg hij ruim de tijd om zijn weg naar de borst te zoeken.  En hij deed dat perfect.  De eerste week zijn we in feite volledig skin to skin gebleven om zo de productie goed op gang te brengen.  De eerste twee weken leek dat ook goed te lukken.  Cezar viel niet zo veel af en zat op dag 9 al terug op zijn geboortegewicht.  Hij had ook al snel gewone borstvoedingsstoelgang.  Ik zit op mijn roze wolk en ben supercontent dat de opstart zo goed is gelukt.

Maar na twee weken keert plots het tij.  Cezar komt amper nog bij en zakt onder de laagste curve.  Ik blijf veelvuldig aanleggen en maak er een punt van om hem meer dan twaalf keer te voeden.  Maar Cezar valt bij elke voeding in slaap en is niet meer wakker te krijgen.  Hij vraagt ook niet meer zelf om een voeding en brengt zijn dagen al slapend door.  Elke voeding is een strijd om hem wakker genoeg te krijgen.  Ik start met nakolven na elke voeding, maar de opbrengst is pover.  Alles wat ik verzamel krijgt hij al vingervoedend bij.  Ook dit volstaat echter niet om Cezar te doen bijkomen.  De vroedvrouw stelt voor om hem wat bij te voeden met donormelk.  Ik vind dit aanvankelijk wat een vreemd idee, maar melk van een koe normaler vinden is misschien nog vreemder.  Zo voeden we hem een tijdje een 40-80cc per dag bij en dit helpt.  Cezar begint de p1-curve wat te volgen.  Ondertussen blijf ik voeden voeden voeden, kolven kolven kolven, motilium nemen, wisselvoeden, borstcompressie uitoefenen, skinnen, borstvoedingsthee drinken, fenegriek nemen,…  Echter wanneer we de bijvoeding een aantal weken later weer wat willen afbouwen zakt zijn gewicht onmiddellijk opnieuw en neem de slaperigheid weer toe.

Ondertussen beginnen we ons ook steeds meer zorgen te maken over Cezar. Om het groeiende gezwelletje boven zijn oog, zijn ongelijke pupillen en zijn slaperigheid.  Waarschijnlijk ook niet geweldig voor de productie.  Al snel hebben we vier kinderartsen, twee lactatiekundigen en twee ziekenhuizen achter de kiezen.  Het gezwelletje zou een dermoïd cyste zijn waaraan liefst pas na zijn eerste verjaardag zal moeten geopereerd worden.  Zijn oogjes zelf zouden in orde zijn en een mri moet nu uitwijzen waar het probleem in de bezenuwing ligt.

Mijn lactatiekundige geeft aan dat ze vermoedt dat ik toch niet over een optimaal klierweefsel beschik en dat Cezar waarschijnlijk te klein en te zwak was om wat er is optimaal te stimuleren.  Waarschijnlijk heeft hij tijdens de kritische periode het nooit goed op gang gekregen.  Ik kan en wil dit maar niet geloven.  Ik zal wel eens bewijzen dat mijn lijf het wel kan en blijf er voor gaan.  Mijn dagen blijven volledig in teken staan van de borstvoeding.  Maar alle inspanning ten spijt, het wordt maar niet meer.  Ik breek en word een tijdje enorm triest en boos op mijn lijf omdat het mijn baby in de steek laat.  Ik raak gefrustreerd door de “borstvoeding is de beste start” folders in elke wachtzaal waar ik kom en door de “als het niet lukt heb je het niet graag genoeg gewild” commentaren op borstvoedingsfora.

Uiteindelijk besluit ik om alle voedingen af te kolven zodat ik precies weet hoeveel ik hem moet bijvoeden.  Niet optimaal ter stimulering, maar op dit moment wel beter voor mijn gemoedsrust.  En wat het Cezar betreft, helpt het om hem op krachten te doen.  Voor mezelf vind ik het triest omdat ik de intimiteit van het live voeden enorm mis.

Ondertussen ga ik op zoek naar antwoorden en stuur ik mails met mijn verhaal naar LLL en een bekende lactatiekundige uit Nederland in de hoop op wat antwoorden die me kunnen helpen het wat los te laten.

Deze mail gaat de deur uit:

Hallo,

Graag zou ik even mijn borstvoedingsverhaal met jullie delen in de hoop dat er iemand mij kan vertellen waar het misliep.  Het zou voor mij veel betekenen om hier wat meer duidelijkheid in te krijgen.  Ik heb het er momenteel nog steeds heel erg moeilijk mee om te aanvaarden dat het fout ging.  
Mijn jongste zoontje is nu 3,5 maand oud.  Hij werd geboren na een voldragen zwangerschap, maar was in vergelijking met zijn twee oudere broers opvallend licht: 2.66kg.  Verder was alles normaal.  Zwangerschap en bevalling zijn goed verlopen.  Mijn twee oudste zoontjes heb ik zonder problemen borstvoeding kunnen geven tot op het moment dat ik zelf besliste te stoppen.  De oudste 8 maanden en mijn tweede 14 maanden.  Enkel bij de opstart van de bv waren er toen ook wat problemen.  Traag op gang komen van de melkproductie ondanks frequent (>12 keer per etmaal) aanleggen, maar na een tweetal weken was dit zeker opgelost.  
Met dit in het achterhoofd wilde ik deze keer absoluut een optimaal bvbeleid.  Ik koos voor een poliklinische bevalling in het ziekenhuis olv een vroedvrouw (die ook lactatiekundige is).  Het bvbeleid werd op voorhand goed doorgesproken en ook zo uitgevoerd.  Mijn zoontje werd direct na de bevalling bij me gelegd.  Hij zocht en vond zo zelf zijn weg naar de borst.  De eerste week hebben we vrijwel volledig skin to skin doorgebracht. Hij viel niet zo veel af en op dag 9 had hij zijn geboortegewicht terug. De eerste twee weken verliep alles vrij vlot.  Ik legde mijn zoontje frequent aan en hij zoog steeds goed.  De lk bleef ook meekijken en volgens haar ging alles goed.  Na twee weken stagneerde zijn gewichtsevolutie en begon hij steeds minder goed bij te komen.  Mijn zoontje viel tijdens de voedingen steeds in slaap en was amper nog wakker te krijgen en dronk veel minder goed.  Ik probeerde na te kolven om mijn productie zo wat te stimuleren, maar ik kreeg er na een voeding amper 30cc uit.  We zijn na een maand beginnen bijvoeden met donormelk omdat hij nog steeds amper bijkwam en ganse dagen bleef slapen.  Ik bleef frequent aanleggen, nakolven, maar mijn productie reageerde niet.  Ik startte ook met domperidon (3x20mg), deed aan wisselvoeden, borstcompressie, dronk bvthee,… maar niets leek te baten.  
Momenteel geef ik een combinatie van moedemelk, donormelk en kunstvoeding.  Ik kolf tien keer per dag af en geef alles met de fles omdat ik zo weet hoeveel ik moet aanvullen.  Ik raak per etmaal aan een goede 600cc.  Ondertussen komt mijn zoontje wel terug goed bij en ontwikkelt hij zich verder normaal.  
Ik raadpleegde twee lactatiekundigen, zocht overal naar info, maar niemand lijkt me te kunnen zeggen waar het net misliep of wat ik nog meer had kunnen doen.
Opvallend was dat tijdens deze zwangerschap mijn borsten totaal niet in volume toenamen en dat ik tijdens de kraamweek totaal geen stuwing had (dit laatste had ik bij mijn vorige twee kinderen ook wel niet).  
Ik merk bij mezelf dat ik het nog steeds niet kan loslaten en nog altijd hoop op tenminste een verklaring voor mijn verhaal.  Het doet me ontzettend veel verdriet dat ik hem niet de beste start heb kunnen geven.  
Zou u me kunnen helpen in mijn zoektocht?
De antwoorden bevestigden de hypothese van mijn eigen lactatiekundige.

Allereerst: je hebt je kindje juist wel de allerbeste start gegeven die mogelijk is: huid op huid bij mama en zo veel aan de borst als hij zich maar wensen kan. Je hebt je grondig voorbereid en alle mogelijke maatregelen genomen om ervoor te zorgen dat er een goede start was. En die start was ook goed, de eerste twee weken.

Ik kan zo op een afstand en achteraf niet met zekerheid zeggen wat er aan de hand is geweest, maar ik kan wel een paar factoren noemen die mogelijk een rol gespeeld kunnen hebben. Ik begin met zijn geboortegewicht, dat inderdaad erg laag was. Op de bijgaande afbeelding* zie je dat zijn geboorte gewicht net boven de rode lijn zit (de P3, alles onder de P5 geldt als dysmatuur), maar zijn lengte precies op de oranje lijn (de P15, dat is aan de ondergrens van gemiddeld). Hij was dus zowel in vergelijking met zijn broertjes als ten opzichte van zijn eigen lengte te licht. Dit kan leiden tot onvoldoende kracht om zelfstandig de borsten actief te stimuleren (in de eerste tijd na de geboorte verloopt de melkproductie volledig onder invloed van hormonen en heeft het drinken van de baby nog niet heel veel effect; minder goede technieken in deze eerste tijd kunnen er wel voor zorgen dat het uiteindelijke melkmakende vermogen van de borsten minder wordt of dat de baby na de eerst periode niet beschikt over een techniek die voor voldoende melkaanmaak kan zorgen). Maar het kan ook wijzen op tekorten in de baarmoeder, mogelijk door een verminderde werking van de placenta of door een probleem met de opname van voedingsstoffen. Dit kan ook na de geboorte nog spelen en kan er bijvoorbeeld verantwoordelijk voor zijn dat een kind meer voeding nodig heeft om aan voldoende opneembare voedingsstoffen te komen.

Een suboptimale techniek kan ook het maar moeizaam vermeerderen van de productie door kolven verklaren. In de eerste tijd na de geboorte worden de prolactine receptoren in de melkklieren aangelegd/geactiveerd door de krachtige en doelgerichte stimulatie van de borsten. Een kind met een minder goede techniek kan heel goed lijken te drinken zonder ook actief de borsten te stimuleren. Hij hoeft immers alleen de toch al geproduceerde melk op te vangen. Als de prolactinereceptoren niet optimaal zijn geactiveerd kan het moeilijk zijn om de melkproductie te verhogen, zeker met alleen kolven.

Daarnaast kan een probleem in de aanleg van klierweefsel en/of in de hormonale werking een rol spelen. Ook bij de eerste twee waren er wat opstartproblemen bij het op gang komen van de productie. Dat kan een oorzaak hebben in de anatomische aanleg of het hormonale functioneren. Met een krachtig en efficiënt drinkend kind kan dat ondervangen worden, waardoor de melkproductie alsnog op een acceptabel niveau komt. Met een door andere oorzaken minder efficiënt of krachtig kind kan het zijn dat die anatomische en/of hormonale variaties niet kunnen worden gecompenseerd en de melkproductie achter blijft.

Dit zijn de factoren die ik als mogelijke oorzaken voor de moeizame melkproductie en de moeizame groei zie. Dit is dus geen sluitende diagnose, maar het zijn denkrichtingen. Ik wil adviseren Cezar eens goed te laten nakijken door een kinderarts om mogelijke oorzaken voor het lage geboortegewicht te zoeken en om te zien of er mogelijk sprake is van een stofwisselingsprobleem of een andere achterliggende ziekte of aandoening. Ik voorzie daar geen ernstige zaken, maar het kan geen kwaad het na te kijken.

 

Ondertussen ben ik al kolvend tot voorbij de vier maanden geraakt.  De hoop op lang voeden heb ik met pijn in het hart moeten loslaten.  Cezar herkent amper nog de borst.  Met de hulp van een hele lieve mama krijgt hij nu wel terug exclusief moedermelk en wordt hij bijgevoed met donormelk.  Wie weet lukt het wel om zo tot aan de 6 maanden te raken.  Dat zou ik in deze situatie al een mooie prestatie vinden.  Langer dan dat zie ik het niet te rekken.  Ik ben er ondertussen ook stilletjes aan aan toe om die kolf ritueel te verbranden.  Live voeden is een van de schoonste dingen die ik in mijn leven heb kunnen doen, maar kolven is dat wat mij betreft absoluut niet.

 

Cezar 14/10/14

Met enige vertraging.

Omdat ook een derde een geboorteverhaal verdient.

Uitgerekend voor de 16de oktober, maar aangezien nummer 1 en 2 zich toch wat vroeger aandienden ging iedereen er gelijk van uit dat we deze datum nooit gingen halen.

De zwangerschap op zich verliep perfect.  De eerste maanden zoals het hoort met het hoofd meer in dan uit de toiletpot.  Tussen 16 en 20 weken was er pas beterschap in zicht.  Maar daarna voelde ik me eigenlijk kiplekker.  Wandelen, fietsen, zwangerschapsyoga, het ging allemaal vlotjes.  Een ander aspect dat ik wel kon appreciëren is dat de kilo’s er ook niet zo vlot aantikten als bij de vorige twee.  Ik heb een kleine, compacte buik die me niet erg in mijn doen en laten belemmert.  Heel erg fijn met al twee actieve monstertjes in mijn kielzog.

Vanaf 30 weken krijg ik wel heel erg veel last van harde buiken.  De vroedvrouw maant mij aan om het wat rustiger aan te doen.  De baby zou in tegenstelling tot vorige berichten ook wat aan de kleine kant zijn.  In volle verbouwings- en verhuisstress is dit echter gemakkelijker gezegd dan gedaan. Vanaf 37 weken, verdwijnt plots alle onrust in de buik.  Net wanneer ik verwacht dat nummertje drie wel zou gaan komen heb ik nog weinig harde buiken.  De laatste zwangerschapsweken zijn er van wachten en wat mentale onrust.  Het verlof van de echtgenoot tikt voorbij.

Op 39 weken en één dag besluiten we na het naar school brengen van de oudsten nog eens iets gezelligs met zijn tweeën te doen.  We gaan nog eens samen ontbijten.  De wederhelft vindt dat nummer drie zich nu morgen wel eens mag komen tonen.

De rest van de dag houd ik me nog bezig achter de naaimachine en wordt er nog een broek voor nummer 2 geproduceerd.  ’s Avonds na het eten merk ik de eerste tekenen van een nakende bevalling, maar nog geen weeën of pijntjes.  Ik ga nog even langs bij de buren om wat verbouwingsperikelen door te praten.  Tegen 21u30 ben ik terug thuis.  De buik is wat onrustig, maar de harde buiken zijn nu niet per se anders te noemen dan voorheen.  Toch sms ik alvast nog eens onze kinderopvangers van dienst.  Omdat er geen reactie volgt krijg ik toch lichtjes een stresske.  Wat als het ’s nachts toch in gang zou schieten?  Ik besluit uiteindelijk gewoon te gaan douchen en te gaan slapen.  Eens in bed liggend op mijn rug is alles ook nog kalm.  Maar dan draai ik mij op mijn zij en daar begint de actie.  Ondertussen is het al na 23u.  Dit zijn onmiskenbaar weeën, maar ze zijn nog goed te doen.  Ze komen wel om de 4 à 5 minuten.  Na wat discussie besluiten we toch om de kinderen alvast maar te laten ophalen want ik voel me toch niet op mijn gemak.  De schoonouders komen ze ophalen.  Omdat op het blad van de vroedvrouw vermeld staat dat we haar moeten bellen eens de weeën om de 7 minuten komen wil de wederhelft dat er gebeld wordt.  Om 23u35 bellen we haar.  Ze raadt me aan om wat onder de douche te gaan staan om wat meer te ontspannen en de weeën wat in kracht te laten toenemen.  Tien minuten later staat ze al bij mij in onze badkamer.  Onder de douche nemen de weeën inderdaad in intensiteit toe, maar het warme water doet me erg deugd. Na nog een twintigtal minuten weeën opvangen onder de douche onder coaching van Lies wil ze toch ook even de vooruitgang checken.  Blijkbaar zit ik al aan 6 cm. Lies stelt voor om ons toch stilletjes aan klaar te maken om naar het UZ te vertrekken.  Aankleden en terug beneden geraken wordt een moeilijke klus.  Eens beneden verzamelt Steven onder mijn instructies nog het belangrijkste grief.  Ondertussen vang ik verder de zeer frequent geworden weeën op (minder dan 1 minuut tussen) al hangend aan ons keukeneiland.  Lies geeft me ondertussen een stevige onderrugmassage. Rond 1u15 vertrekken we dan richting UZ.  Fijn trouwens dat de oprit van het bevallingskwartier aldaar bestaat uit zeer hobbelige kasseien (not). Tijdens mijns waggelen richting verloskamer blijkt de lift niet te werken, ik doe dan nog maar het laatste verdiep met de trap en hang me nog een paar keer al puffend tegen de muur.  Rond 1u30 installeren we ons in de bevallingskamer met het bad die Lies voor ons liet reserveren.  Het lijkt wel bijna een wellnessruimte met het grote bad, de gedimde lichten en de zachte muziek.  Terwijl Lies het bad vult hang ik tijdens de steeds sterker wordende weeën aan de rand van het bad.  Het wordt echt lastig nu en er ontglippen mij een paar krachttermen.  Rond 2u krijg ik het gevoel dat ik naar het toilet moet.  Lies vindt het een goed idee om nog even te gaan omdat er met een volle blaas toch niet kan geperst worden.  Echter eens op het toilet overvalt mij een weeënstorm en enorme persdrang.  Ik raak in paniek en vrees dat mijn derde in de toiletpot zal geboren worden.  Op een of andere manier slagen Steven en Lies er nog in om me toch nog in het bad te krijgen.  Ik roep dat het me niet gaat lukken, maar de persdrang neemt het volledig van me over.  Ik roep en tier dan maar wat, het is gewoon onmogelijk om niet mee te persen.  Al na een paar keer persen wordt er me om 2u11 in het water door Lies een heel erg klein en fijn maar schreeuwend hoopje mens aangereikt.  Duidelijk veel kleiner dan zijn voorgangers.  We ontdekken zelf dat het opnieuw een zoontje werd.  We blijven nog eventjes in bad om onze nieuwe aanwinst uitgebreid te bewonderen.  Daarna wordt de navelstreng doorgeknipt, ga ik uit bad en wordt op bed de placenta geboren.  Ondertussen blijft het kleine ventje steeds geparkeerd op mijn borst.  Hij wordt niet meteen weggehaald voor allerlei onderzoeken, maar mag rustig zijn weg zoeken naar de borst.  Hij is goed wakker en zuigt vinnig.  Na een tweetal uur genieten word ik nog geholpen met douchen en krijgt Steven een eerste knuffelsessie met zijn derde zoon. Hij wordt dan pas gewogen en gemeten: 2660 gram en 48 cm.

Ondertussen heeft het ventje echter nog steeds geen naam.  Voor een meisje waren we er al tijden uit en kozen we voor Rosie.  Voor een jongen bleven we echter twijfelen tussen Cezar en Verne.  Uiteindelijk doen we er nog zo’n goede 6-7 uur over vooraleer we de knoop doorhakken.  Steven trekt briefjes.  Het wordt een Verne.  Waarop ik onmiddellijk zeg: ‘doe toch maar Cezar!’.  En het past! Op zijn naambandje stond echter: ‘jongen V.’ Hierna kunnen we het blijde nieuws eindelijk aan de wereld laten weten.

We blijven nog een paar uurtjes in het UZ, maar gezien mijn vorige materniteitservaringen kiezen we ervoor om dezelfde dag terug huiswaarts te keren.  Zo kunnen de grote broers ook hun kleine broertje bewonderen.

Cezar

1/9 – 7/9

Maandag:

Gevulde paprika’s met rijst en linzen, gevulde pompoentjes geserveerd met een notenburger

Dinsdag:

Vervolg

Woensdag:

Vegetarische hamburgers met rauwkostsalade en rode biet

Donderdag:

Veggie lasagne.  Gebaseerd op het recept van Meus zijn Canneloni met ricotta en spinazie.  Canneloni’s vullen behoort nl niet tot een van mijn skills.

Vrijdag:

Vervolg lasagne

Zaterdag:

Fishsticks met puree en erwtjes

Zondag:

Familiefeest!

19/8 – 31/8

De laatste vakantieweek.  Reden genoeg om mijn bloedjes nog eens wat culinair in de watten te leggen.  Deze week luisterde ik vooral naar hun wensen.  Dat wil zeggen dat er nog eens vleesch op tafel kwam.  Mijn oudste is nl. verzot op gebraden kip.

Maandag:

Zalm met spitskoolpuree. Een receptje van mijnheer Meus.  Niet vegetarisch dus, maar wel zeer lekker! (9/10)  Die spitskoolpuree zal hier zeker nog op tafel komen.

Dinsdag:

Quiche met restjes

Woensdag:

vervolg quiche

Donderdag:

Tortilla’s met een vulling van veggie gehakt en rauwkost.

Vrijdag:

Veggie “kampspaghetti”

En de kroost wil iets bakken.  We gingen voor de rabarbertaart van Jonge Sla.

Zaterdag:

Restjes

Zondag:

Vakantieafsluiter: gebraden kip met appelmoes en frietjes.

18/8 – 24/8

Maandag:

Spiesjes met halloumi, nieuwe aardappel en kerstomaten met een slaatje.  Zeer te pruimen receptje uit Veg! 8,5/10

Dinsdag: 

Gevulde paprika’s met rijst, linzen en een yoghurtsausje.  Een van mijn favorieten tegenwoordig.

Woensdag:

Veggie spaghetti uit een pot.  De biosaus van de Colruyt vind ik mits wat pimpen met extra groente best nog wel te pruimen.  En mijn kinders zijn er zot van.

We hadden een klein bezoekertje over de vloer en ’s avonds stond er nog een buikbabydate op het programma dus hielden we het simpel en toegankelijk voor iedereen.

Donderdag:

Quiche met veggiereepjes en erwtjes.  Een vervegetariseerd recept uit de Libelle Lekker.  Quiche is voor mij gemakskost waar ik allerhande restjes in kwijt kan.  Dus 8/10.

Vrijdag: 

De man des huizes gaat drie dagen op mannenweekend en laat zijn kroost en zwangere alleen achter dus we gaan opnieuw voor simpele kost die snel klaar is.

Vervolg quiche

Zaterdag:

Soep met een gebakken eitje

Zondag:

Mijn kinders wilden “kikker”  eten.  Een receptje dat ze zagen in een kinderkookboek.  De naam ontglipt me even en ik ben te lui om het te gaan opzoeken.

Broccolipuree met daarop een veggie braadworst, ketchup en olijven.  De kinders vonden het geweldig.

11/8 -17/8

Maandag:

Thai Cashew Coconut Rice with ginger peanut sauce + gevulde pompoentjes uit de oven (9/10). Super lekker, misschien bij herhaling iets minder (rauwe) ui bij de salade gooien want zwangere magen houden hier niet van.  

Pompoentjesrecept: oven op 200 graden. 

Pompoentjes halveren. Al even laten garen in de oven (15-20 minuten) tot ze al wat zacht zijn.  Ondertussen 1 prei fijn snijden en aanstoven.  Mengen met wat (light)room en wat gemalen kaas.  Als de pompoentjes gaar zijn er wat vruchtvlees uithalen en bij de mengeling voegen. En tenslotte ook nog een geklutst ei door de vulling roeren.  Vulling in de pompoentjes scheppen en nog  15tal minuten laten gratineren in de oven.  

Dinsdag:

Gevulde pastaschelpen met spinazie, ricotta en noten (8/10).  Werd door ook de kleine huisgenoten erg gesmaakt.  Wel wreed gekliederd bij het vullen van de pastaschelpen. Maar het was minder erg dan mijn cannelonitrauma.  

Woensdag: 

Griekse salade met geroosterd bruin brood en tzatziki.  Ik hou van groentereceptjes en zeker van slaatjes in de zomer dus scoort voor mij ook een 8/10

Donderdag:

De mdh prepareerde risotto met geroosterde bloemkool.  Een waanzinnig lekker receptje vanuit de Libelle Lekker vind ik zelf.  

Vrijdag:

“Kampspaghetti”.  De 6-jarige is lyrisch over de spaghetti die hij op scoutskamp kreeg.  Pasta met een saus van spinazie, room, kaas en gehakt.  Wij deden alhier een imitatie met veggiegehakt en sojaroom die ook met enthousiasme ontvangen werd.  

Zaterdag:

Restjes

Zondag:

Uit eten met de kroost.  Bestemming: nog onbekend.